|
Zondag 5 april 2026
om 10:00
Ochtenddienst
Voorganger(s): Ds. J. Smit, Katwijk aan Zee
Organist: Arjan van 't Riet
Orgelspel – mededelingen – aanvangslied: Lied 427 : 1 t/m 7 OTH
(De kinderen zingen met de vrouwen de zeven coupletten – met elkaar zingen we het refrein)
refrein (samen)
De Heer is waarlijk opgestaan. Halleluja!
1. Jezus deed de dood teniet, zing daarom het hoogste lied.
refrein (samen)
2. Vrouwen uit Jeruzalem, kwamen vroeg en zochten Hem.
refrein (samen)
3. En hoe groot was hun verdriet, want zij vonden Jezus niet.
refrein (samen)
4. Maar een engel sprak hen aan: ‘Die gij zoekt is opgestaan!’
refrein (samen)
5. Denk toch aan Zijn eigen woord, dat gij vroeger hebt gehoord.
refrein (samen)
6. Hij, de grote Mensenzoon, gaat door 't graf heen naar zijn troon.
refrein (samen)
7. Zoek Hem bij de doden niet, maar zing mee het hoogste lied.
refrein (samen)
Persoonlijk gebed – Votum en Groet – zingen: Lied 108 : 1, 3 en 4 OTH
1. Daar juicht een toon, daar klinkt een stem,
die galmt door gans Jeruzalem.
Een heerlijk morgenlicht breekt aan,
de Zoon van God is opgestaan.
3. Nu jaagt de dood geen angst meer aan,
want alles, alles is voldaan.
Wie in ‘t geloof op Jezus ziet,
die vreest voor dood en helle niet.
4. Want nu de Heer is opgestaan,
nu vangt het nieuwe leven aan.
Een leven, door Zijn dood bereid,
een leven in Zijn heerlijkheid
Kindermoment
Gedicht
Paaskaarsjes!
Wanneer vele paaskaarsjes branden,
is dat een prachtig gezicht.
Want dan zie je iedereen,
als in een zee van licht.
Ik denk dan stiekem bij mezelf,
zo moest het altijd zijn:
Een zee van licht waar je ook gaat,
en nergens donkere pijn.
Het licht van Jezus in de straat,
op school, op elk plein.
In alle steden, klein en groot,
Zou het dan vrede zijn?
De grote vraag dus, waar het om gaat,
ontwijken heeft geen zin,
hoe krijgen we dit zuivere licht,
de hele wereld in?
Hoe wandelt het naar stad en land,
naar mensen groot en klein.
Hoe wandelt het de huizen in,
om er voorgoed te zijn?
Ik heb er over nagedacht,
en heb mijn antwoord klaar,
Het licht komt er door jou en mij,
wij zijn die wandelaar.
De Paaskaars brandt,
Het licht van Pasen schijnt.
Het is aan ons te zorgen dat,
Dit licht nooit meer verdwijnt.
Fimpje 40-dagenproject/ Kinderlied – ’s Morgens bezoeken de vrouwen het graf
Geloofsbelijdenis
Luisterlied: Een steen op het graf, die kan er niet af OTH 428 (zingt u gerust mee)
https://www.youtube.com/watch?v=Ov-GVIbQBuI
1. Een steen op het graf,
die kan er niet af,
iedereen treurt 2x
Maar kijk ‘es wat er is gebeurd 2x
De steen is weg 2x
De weg is vrij 2x
Het graf is leeg 2x
De pijn voorbij 2x
Want Jezus leeft
en de steen is weg, weg, helemaal weg.
2. Een steen op mijn hart
zo zwaar en zo zwart,
het komt nooit meer goed 2x
Maar kijk ‘es hier wat Jezus doet 2x
De steen is weg 2x
Mijn hart is vrij 2x
Ik voel me nieuw 2x
God is bij mij 2x
Want Jezus leeft
en de steen is weg, weg, helemaal weg.
Foetsie!
Gebed om de verlichting met de Heilige Geest
Zingen: Lied 437 OTH
1. Weet je dat de lente komt, lente komt, lente komt.
Weet je dat de lente komt, alles loopt weer uit.
De eerste zonnestralen, ze tint’len op je huid.
De eerste bloemen bloeien, de eerste vogel fluit.
Weet je dat de lente komt, lente komt, lente komt.
Weet je dat de lente komt, alles loopt weer uit.
2. Weet je wel dat Jezus leeft, Jezus leeft, Jezus leeft.
Weet je wel dat Jezus leeft, Hij is opgestaan.
Ze hadden hem gekruisigd en in een graf gedaan.
Maar na drie donk’re dagen, is Hij weer opgestaan.
Weet je wel dat Jezus leeft, Jezus leeft, Jezus leeft.
Weet je wel dat Jezus leeft, Hij is opgestaan.
Weet je wel dat Jezus leeft, Jezus leeft, Jezus leeft.
Weet je wel dat Jezus leeft, Hij is opgestaan.
Schriftlezing: Mattheüs 28 : 1 – 15 NBV21 (wordt gelezen door de kinderen)
1 Na de sabbat, bij het ochtendgloren van de eerste dag van de week, kwam Maria van Magdala met de andere Maria naar het graf kijken.
2 Plotseling begon de aarde hevig te beven, want een engel van de Heer daalde af uit de hemel, liep naar het graf, rolde de steen weg en ging erop zitten.
3 Hij lichtte als een bliksem en zijn kleding was wit als sneeuw.
4 De bewakers beefden van angst en vielen als dood neer.
5 De engel richtte zich tot de vrouwen en zei: ‘Wees niet bang, ik weet dat jullie Jezus, de gekruisigde, zoeken.
6 Hij is niet hier, Hij is immers uit de dood opgewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kijk, dit is de plaats waar Hij gelegen heeft.
7 En ga nu snel naar zijn leerlingen en zeg hun: “Hij is opgewekt uit de dood, en dit moeten jullie weten: Hij gaat jullie voor naar Galilea, daar zul je Hem zien.” Onthoud dat ik jullie dit gezegd heb.’
8 Ontzet en opgetogen verlieten ze het graf; ze haastten zich om het aan zijn leerlingen te vertellen.
9 Op dat moment kwam Jezus hun tegemoet en groette hen. Ze liepen op Hem toe, grepen zijn voeten vast en aanbaden Hem.
10 Daarop zei Jezus: ‘Wees niet bang. Ga mijn broeders vertellen dat ze naar Galilea moeten gaan, daar zullen ze Mij zien.’
11 Terwijl de vrouwen onderweg waren, gingen enkele van de bewakers naar de stad. Daar vertelden ze de hogepriesters alles wat er gebeurd was.
12 Die kwamen bijeen met de oudsten en ze besloten de soldaten een flinke som geld te geven
13 en hun op te dragen: ‘Zeg maar: “Zijn leerlingen zijn ’s nachts gekomen en hebben Hem heimelijk weggehaald terwijl wij sliepen.”
14 En mocht dit de gouverneur ter ore komen, dan zullen wij hem wel bepraten en ervoor zorgen dat jullie buiten schot blijven.’
15 Ze namen het geld aan en deden zoals hun was opgedragen. En tot op de dag van vandaag doet dit verhaal onder de Joden de ronde.
Zingen: Lied 112 : 1, 2 en 3 OTH (melodie Psalm 118)
1. God dank! Laat iedereen het horen:
Christus is waarlijk opgestaan!
Wij gaan niet in de nacht verloren –
Pasen: de grote dag breekt aan!
Geen grafsteen houdt het zonlicht tegen,
een engel kondigt stralend aan:
Ziet waar Zijn lichaam heeft gelegen,
waarlijk, de Heer is opgestaan!
2. Wij hadden alle hoop verloren,
niemand van ons zag toekomst meer;
leeg was ons hart, als nooit tevoren
zo eenzaam, zonder onze Heer.
Hopeloos donker was ons leven,
een bange droom, een lange nacht;
waar was ons laatste licht gebleven:
Christus, die ons de toekomst bracht?
3. God dank! De hemel heeft gesproken:
Wie zoekt gij toch? Hij is hier niet!
Een nieuwe lente is ontloken,
vreugde begraaft het diepst verdriet.
God lof! De nacht is overwonnen,
het daglicht krijgt voorgoed ruim baan.
De toekomst is vandaag begonnen –
waarlijk, de Heer is opgestaan!
Preek – tekst: Mattheüs 28 : 4 – 6
De bewakers beefden van angst en vielen als dood neer.
De engel richtte zich tot de vrouwen en zei: ‘Wees niet bang, ik weet dat jullie Jezus, de gekruisigde, zoeken.
Hij is niet hier, Hij is immers uit de dood opgewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kijk, dit is de plaats waar Hij gelegen heeft.
Zingen: Gezang 87 : 4 en 5 LvdK 1973
4. Al onze boosheid en ellende
ging met de Heer ter rust in 't graf.
Wij zijn ontslagen van de straf
en God wil zich weer tot ons wenden
als zijn gekenden.
5. Zoals de Christus is verrezen
door 's Vaders heerlijk’ overmacht,
zo zijn ook wij aan 't licht gebracht
om nieuw te leven, zonder vrezen,
nu en na dezen.
Dankgebed en voorbeden – collecten – slotzang: Lied 129 : 1, 2 en 3 OTH
1. U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
Uit een blinkend stromen,
daald’ een engel af,
heeft de steen genomen
van 't verwonnen graf.
U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
2. Zie hem verschijnen, Jezus, onze Heer!
Hij brengt al de zijnen in Zijn armen weer.
Wees dan volk des Heeren,
blijd’ en welgezind,
en zegt telkenkere: Christus overwint!
U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
3. Zou ik nog vrezen, nu Hij eeuwig leeft,
Die mij heeft genezen, Die mij vrede geeft?
In Zijn godd’lijk wezen,
is mijn glorie groot,
niets heb ik te vrezen in leven en dood.
U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
Zegen – wordt beaamd met Gezang 456 : 3 LvdK 1973
Amen, amen, amen!
Dat wij niet beschamen
Jezus Christus onze Heer,
amen, God, Uw naam ter eer!
|